Talent voor literair vertalen?

talentVanzelf

omdat het vanzelf moet gaan

Voor veel beweringen en suggesties in dit stuk geldt dat ze bij benadering waar zijn. Dit ‘bij benadering’ betekent niet dat ze niet heel erg waar zijn of niet heel erg belangrijk. Dat zijn ze namelijk wel. Maar als het over de kunsten gaat, waaronder de kunst van het literair vertalen, zijn het benaderende, het ongrijpbare en het niet-precies-definieerbare onvermijdelijk. Precisie is inzake de kunsten een zeer subtiele en allesbehalve rationele zaak. Een tekening, bijvoorbeeld, kan ondanks en dankzij zijn schetsmatigheid onmetelijk veel preciezer[1] zijn dan een technische tekening of een foto.

Talenten, eigenschappen en vaardigheden

De ware literair vertaler beschikt over verbazingwekkend veel uiteenlopende en tegengestelde talenten, eigenschappen en vaardigheden. Een scherp omlijnd profiel van ‘de literair vertaler’ is met zo veel variabelen uiteraard niet te geven, een algemeen, onvolledig overzicht wel.

Schrijver

Een literair vertaler dient in de eerste plaats een schrijver te zijn[2]. Hij zal dan ook over veel kenmerken en eigenschappen beschikken waarover schrijvers doorgaans beschikken: de al dan niet bewuste overtuiging dat taal als kunstzinnig medium kan fungeren, een meer dan gemiddeld taalgevoel, gevoel voor stijl, en gevoel voor het onnadrukkelijke en suggestieve (om dingen aan de lezer te kunnen overlaten). Hij zal creatief zijn (en dus werken met invallen), hij zal kunstzinnig zijn en gedreven. Verder zal hij beschikken over elkaar gedeeltelijk overlappende zaken als inventiviteit (om tot vondsten te komen), toewijding zo niet opofferingsgezindheid (om het creatieve proces de tijd te geven die het nodig heeft), een eindeloos geduld (om de nuances van de tekst tot in de finesses tot zich door te laten dringen en daarvoor de juiste woorden in de doeltaal te vinden, ofwel om te wachten tot het eigen brein met oplossingen komt), een groot inlevingsvermogen (om tekst en personages in een empathisch proces dat zich razendsnel in het onbewuste voltrekt te kunnen invoelen en alle rollen als een soort acteur in de doeltaal te kunnen spelen), het vermogen los te laten (zodat de creatieve krachten vrij spel krijgen; denk ter vergelijking bijvoorbeeld aan de losse pols waarmee Jimi Hendrix de mooiste solo’s en overgangen speelde), en, hoe verborgen ook, een sterke gevoelsmatige instelling.[3]

Intellectueel

In de tweede plaats dient een literair vertaler een intellectueel te zijn. Hij moet dus iemand zijn die over een uitstekend denkvermogen beschikt en goed kan abstraheren (om ambachtelijke verworvenheden mee te nemen), hij moet kritisch en vasthoudend zijn (om de creatieve kant te controleren en in toom te houden), methodisch kunnen werken (om de zo belangrijke methode – zie hieronder – te kunnen toepassen), en een sterke rationele instelling hebben (om de eigen bedenksels met afstand te kunnen beoordelen).

We zijn gewend ‘ambachtelijk’ te associëren met ‘met-de-handen-werken’, maar bij literair vertalen is het ambachtelijke vooral een intellectuele zaak. De verworvenheden van de vertaalkunde en de vertaalwetenschap zijn grotendeels rationele constructies, die de literair vertaler moet begrijpen en voor zover mogelijk meenemen in zijn herscheppende vertaalprocessen.[4]

Overige kwaliteiten

Bij deze indeling schrijver-intellectueel blijken enkele onmisbare kwaliteiten buiten boord te vallen. Een schrijver hoeft bijvoorbeeld niet per se accuraat te zijn, maar een literair vertaler moet dat wel zijn, zij het niet op een angstvallige manier. Hetzelfde geldt voor iets als luistervaardigheid: een schrijver hoeft niet per se goed te kunnen luisteren, maar een literair vertaler wel (hij moet immers goed boeken en auteur kunnen aanvoelen).

Over onontbeerlijke zaken als concentratievermogen (niet gemakkelijk te kenschetsen maar enorm belangrijk), zelfdiscipline (om het werk gedaan te krijgen) en durf (om de eigen weg te gaan) dienen zowel de ‘schrijver’ als de ‘intellectueel’ te beschikken.

Talent en de methode

Er is iets opvallends aan de hand met bovenstaande opsomming van talenten en eigenschappen. Een literair vertaler moet goed kunnen loslaten én vasthoudend zijn (dit laatste o.a. om ondanks de talloze problemen door te zetten), een perfectionist zijn én een creatieveling, op zijn onbewuste kunnen vertrouwen én een kritisch intellect bezitten, een groot inlevingsvermogen hebben (om tot herschepping te komen) én goed kunnen abstraheren (om het resultaat kritisch te beoordelen), en een sterke rationele én een sterke gevoelsmatige instelling hebben. Met andere woorden, veel talenten en eigenschappen van de literair vertaler zijn elkaars tegengestelden en literair vertalers zijn vaten vol tegenstellingen. Ze hebben evenwel een manier gevonden, een methode, om hun tegengestelde kwaliteiten te benutten in plaats van ze elkaar te laten verstikken[5]. De methode dient de talenten en eigenschappen benodigd voor literair vertalen namelijk vrij te maken. Je talent komt er alleen uit als je een voor jou én de auteur die je vertaalt goede methode toepast. We kunnen stellen dat de methode van het grootste belang is, zo niet sine qua non.[6]

Talent en affiniteit[7]

Iets dergelijks als het feit dat je talent er pas uit komt bij een goede methode, speelt ook bij de affiniteit die de literair vertaler met zijn schrijver en diens werk heeft. Alleen bij grote affiniteit kan er geslaagd herscheppend werk ontstaan. Alleen bij grote affiniteit kan de eigen stijl van de literair vertaler voldoende in de buurt bij van die van de auteur zitten om goed herscheppend werk mogelijk te maken. En anderzijds kan iemand alle mogelijke talenten en eigenschappen benodigd voor herscheppend literair vertalen bezitten en toch hopeloos falen doordat hij boeken vertaalt die hem niet liggen – iets wat waarschijnlijk maar al te vaak gebeurt.

Smalle en brede vertalers

De titel van dit stuk bevat noodzakelijkerwijs een denkfout. Elke echte literair vertaler is beperkt, in die zin dat hij uitsluitend over de talenten en eigenschappen beschikt nodig om zíjn schrijvers/boeken te vertalen. Iemand kan in zo’n mate ‘schrijver’ zijn, en daardoor zo eigenaardig, dat hij als literair vertaler maar voor weinig, even eigenaardige schrijvers voldoende talent zal hebben. We kunnen hem een ‘smalle vertaler’ noemen. De smalle vertaler kan, als hij zich weet te beperken, tot de grootste hoogten stijgen. Aan de andere kant zijn er vertalers die zich met een zeer groot aantal schrijvers voldoende verwant voelen om ze herscheppend te vertalen. Het gevaar van het ambachtelijke[8] ligt dan uiteraard altijd op de loer, en deze ‘brede vertalers’ zie je dan ook soms wegzakken in de moerassen van productiviteit en ambachtelijkheid waar de ware herscheppende literaire vertaler zich verre van houdt om de eenvoudige reden dat het ware literaire vertalen niet puur een ambacht is maar een kunst.

Dit opstel zal, net als diverse andere die al op dit weblog staan en te vinden zijn via de tags ‘literair vertalen’ en ‘ondertitelen’, deel gaan uitmaken van mijn ‘Cursus literair vertalen als herscheppende kunst’ die ik in de loop van dit jaar via mijn website beschikbaar hoop te stellen.

[1] Want sprekender of raker. De kunsten willen en kunnen met hun ‘bij benadering’ namelijk veel meer uitdrukken dan het rationele precieze.

[2] Met de kanttekening dat het scheppende en het oorspronkelijke twee kenmerken zijn die voor schrijvers opgaan, maar voor vertalers uiteraard niet.

[3] Een restrictie: schrijvers en vertalers beschikken over veel van deze eigenschappen voor hun boeken, maar lang niet altijd voor andere zaken en in andere levenssituaties. Zo kan een literair vertaler over een enorm geduld beschikken als hij een van zijn auteurs aan het vertalen is, en toch bekendstaan als een ongeduldig persoon.

[4] Maar dus niet tot automatisme maken, zoals ondertitelaars dienen te doen. Zie voor de gevaren en nadelen van een al te enthousiast beleden ambachtelijkheid o.a. mijn opstel ‘Literair vertalen en het intellectuele misverstand’, http://wp.me/p351Ow-hq.

[5] Zo zien we bij schrijvers in meer algemene zin vaak dat de ‘intellectueel’ en de ‘schrijver’ elkaar in de weg zitten. En verder is het heel goed denkbaar dat er literair vertalers zijn die hun talent hebben gesmoord met het intellectuele – in feite een gevolg van het ambachtelijke denken

[6] Ik verwijs hier naar mijn setje opstellen over de voor mij optimale methode: achtereenvolgens, omdat er een opbouw in zit: Hoe ik aan een vertaling begin – 1, http://bit.ly/1fTDA80 Hoe ik aan een vertaling begin – 2, http://wp.me/p351Ow-fF Herscheppende ambachtelijkheden, http://wp.me/p351Ow-gg en het belangrijkste: Optimale overgave aan het onbewuste, http://wp.me/p351Ow-g1. De methode die ik hierin demonstreer en propageer, hoeft niet per se voor iedereen en in alle gevallen de beste te zijn. Aan de andere kant ben ik erg benieuwd naar persoonlijke versies die niet uit rigiditeit voortkomen maar werkelijk goede alternatieven of persoonlijke verbeteringen genoemd kunnen worden.

[7] Zie mijn opstel Affiniteit!, http://wp.me/p351Ow-ha

[8] Het uit zich soms in de vorm van het streven of de pretentie ‘allround’ te zijn, maar een herscheppend kunstenaar zal nooit werkelijk allround kunnen of willen zijn. Van Dale zegt bij ‘allround’: ‘in alle opzichten bedreven, met alle voorkomende werkzaamheden bekend, synoniem: veelzijdig, vakbekwaam’.

Advertenties

Over Bartho Kriek

Ik ben dichter, schrijver en literair vertaler, en geef cursussen ondertitelen in binnen- en buitenland.
Dit bericht werd geplaatst in Literair vertalen en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s